vrijdag 20 juni 2014

Call for papers Jaarvergadering van het Gezelschap voor Fenomenologische Wijsbegeerte Deadline 30 september 2014




Locatie: Universiteit Antwerpen
Prinsstraat 13
B-2000 Antwerpen

Datum: vrijdag 5 December 2014

Organisatie: Namens het bestuur van het Gezelschap voor Fenomenologische Wijsbegeerte: 
Prof. dr. Arthur Cools, Universiteit Antwerpen
    Prof. dr. Peter Reynaert, Universiteit Antwerpen
In samenwerking met het Departement Wijsbegeerte van de Universiteit Antwerpen. 



Fenomenologie van het beeld in de hedendaagse cultuur

Sinds de jaren ‘90 van de vorige eeuw is het een boutade de hedendaagse cultuur te beschrijven als een beeldcultuur. Met die term wordt niet alleen aangegeven dat het beeld door allerlei nieuwe technologieën een prominente plaats heeft verworven in het dagelijkse leven, maar veel meer dat het beeld bepalend is geworden voor onze opvatting van de werkelijkheid. Werkelijk is wat zichtbaar is in het beeld. Van oudsher is filosofie nochtans erg sceptisch geweest ten aanzien van het beeld. Zij heeft het beeld steeds gedefinieerd in relatie tot de werkelijkheid, namelijk als een afbeelding of een nabootsing van een vooraf gegeven realiteit, en niet de werkelijkheid in relatie tot het beeld. De omkering die zich voordoet in de hedendaagse cultuur lijkt dus te wijzen op een verandering in onze verhouding tot het beeld, op een nieuwe ervaring van de zichtbaarheid van het beeld en misschien wel op een veel radicalere transformatie van de verhouding tussen zijn en schijn zoals Nietzsche die meer dan een eeuw geleden reeds heeft geformuleerd.

De vraag die we willen centraal stellen in deze jaarvergadering luidt of (en op welke manier) de fenomenologie in staat is zich rekenschap te geven van deze verandering. Husserl zelf heeft, zoals men weet, bijzondere aandacht gehad voor de beeldwaarneming en hij heeft reeds gewezen op een ambiguïteit die kenmerkend is voor de beeldervaring. In zijn werk zijn overigens verschillende benadering van het beeldbewustzijn te onderscheiden. In zijn studie L’imaginaire heeft Sartre een omvangrijke, fenomenologische analyse gegeven van het beeldbewustzijn en de verbeelding. Deze analyse staat voor hem model om de intentionele gerichtheid van het bewustzijn als zodanig te beschrijven. In het latere werk, met name in L’Oeil et l’Esprit en Le visible et l’invisible, heeft Merleau-Ponty getracht de verhouding tussen het zien en het zichtbare te herdenken en hij laat zich hierbij inspireren door de werken van Cézanne. Ondertussen hebben vele andere auteurs, al dan niet in het verlengde van de fenomenologische school, getracht de nieuwe presentie van het beeld in de hedendaagse cultuur te beschrijven en de nieuwe werkelijkheidservaring die eruit volgt te begrijpen.

De vraag die we centraal stellen heeft een zekere complexiteit. Enerzijds heeft ze betrekking op een specifiek object, dat we beeld noemen, maar dat door de digitale techniek een nieuwe presentie in de hedendaagse cultuur heeft. Anderzijds heeft ze betrekking op de manier waarop werkelijkheid verschijnt, gegeven de vaststelling dat de werkelijkheid ons meer dan ooit in en door beelden is gegeven. De hoofdvraag kan dan ook tot twee verschillende soorten onderzoekingen aanleiding geven, die in het éne geval betrekking hebben op het statuut van het beeld (de verandering van het begrip dat we van het beeld hebben) en in het andere geval op de ontologie van de werkelijkheid (de verandering van het begrip dat we van onszelf en van de wereld hebben). De volgende vragen kunnen daarbij als uitgangspunt worden genomen: Wat is een beeld ? Is het een afbeelding van de realiteit, of eerder een transparant venster op die realiteit, dan wel een scherm waarop een afwezige realiteit wordt geprojecteerd? Of vervangt het veeleer de realiteit, die steeds meer illusoir wordt? Is het beeld een toegang tot de werkelijkheid, of speelt het een eigen constituerende rol bij het creëren van vele vormen van realiteit? En welke zijn de implicaties voor het waarnemende subject dat geconfronteerd wordt met een beeldcultuur die geen actieve belichaamde, exploratieve perceptie meer toelaat, maar een totaal andere participatie vereist? Wordt perceptie in een beeldcultuur een vorm van verbeelding en fantasie?  Welke is de relatie van perceptie, herinnering en fantasie tot beeldbewustzijn?

Het statuut van het beeld, van de werkelijkheid, van het waarnemend subject en het probleem van de aard van de relatie tussen al deze componenten zijn het onderwerp van de jaarvergadering, waarbij wat de fenomenologie vroeger en nu hierover te zeggen heeft aan de orde is.

Uitgenodigde sprekers zijn :
Lambert Wiesing, Friedrich-Schiller-Universität Jena, Lehrstuhl für Bildtheorie und Phänomenologie.
Mauro Carbone, Université Lyon III, Jean Moulin, leerstoel Esthétique.

Potentiële deelnemers worden uitgenodigd een abstract van maximaal 500 woorden te sturen naar beide organisatoren voor 30 september 2014. Er wordt een spreektijd van 30 minuten voorzien, gevolgd door discussie.


Deelname aan de jaarvergadering is gratis voor leden van het gezelschap. Andere geïnteresseerden die willen deelnemen aan de jaarvergadering kunnen voor €25,00 (professionals) of €10,00 (studenten) lid worden van het gezelschap en eveneens gratis deelnemen. Als u zich per email opgeeft voor deelname aan de jaarvergadering ovv van “lidmaatschap 2014/15/deelname jaarvergadering”, dan sturen wij u een registratieformulier toe. We willen vragen of u zich uiterlijk 15 november wilt opgeven voor deze dag in verband met het bestellen van de lunch en de koffie. U kunt de lunch ter plaatse betalen.

Gedetailleerde informatie over het programma wordt eind september medegedeeld, 
ondermeer op de website van het Gezelschap: gezfenw.blogspot.com