woensdag 5 november 2008

Studiedag 29 januari 2009: De fenomenologische intstelling

Fenomenologische instelling II

Donderdag 29 januari 2009 zal in Leiden een tweede studiedag plaatsvinden over het thema `Fenomenologische instelling’.

Programma

10.00 – 10.30 Ontvangst in de kantine van het Instituut voor Wijsbegeerte, Matthias de Vrieshof 4, Witte Singel 23, Leiden

10.30 – 12.30 Bespreking van `The mysticism of Meister Eckhart and the Phenomenology of Edmund Husserl’ van Tomas Sodeika (klik hier)
(ingeleid door Gerard Visser)

12.30 – 14.00 Lunch

14.00 – 15.00 Vincent Blok over Fenomenologische instelling. Discussie (lees ter voorbereiding paragraaf 7 uit Heidegger's Sein und Zeit)

15.00 – 15.15 Pauze

15.15 – 16.15 Ruud Welten over Fenomenologische instelling. Discussie
toelichting: Ruud Welten stelt de vraag naar fenomenologische instelling in het werk van Edmund Husserl. De term is minder duidelijk dan zijn tegenhanger de 'natuurlijke instelling'. Als antagonisme is het begrippenpaar 'natuurlijk' en 'fenomenologisch' nagenoeg exclusief gebonden aan het eerste deel van de Ideen zu einer reinen Phänomenologie. Daar wordt een strikt onderscheid aangebracht (§ 62) dat later uit Husserls denken lijkt te verdwijnen. In de presentatie wordt de vraag gesteld naar de operatieve inhoud van de fenomenologische instelling en zijn verhouding tot de latere 'genetische fenomenologie' van Husserl. Ter voorbereiding kunt u "Die Phänomenologische Fundamentalbetrachtung" lezen uit het eerste deel van de Ideen zu einer reinen Phänomenologie en "Statische und genetische phänomenologische Methode" uit Analysen zur passiven Synthesis. Aus Vorlesungs- und Forschungsmanuskripten, 1918-1926. (Hua XI).

16.15 – 17.00 Gezellige afsluiting

Plaats van de sessies: Vrieshof zaal 008A.

Leden die aan deze studiedag willen deelnemen, wordt verzocht zich bij Chris Bremmers op te geven. e-mail: cbremmers#phil.ru.nl (vervang # door @, dit om automatisch gegenereerde spam te voorkomen)

Nadere informatie over te voorbereiden teksten wordt aangegeven op deze site.

woensdag 29 oktober 2008

Call for papers Jaarvergadering 1 september 2009


Jaarvergadering Gezelschap voor Fenomenologische Wijsbegeerte

FENOMENOLOGIE EN LITERATUUR

Call for papers

Datum en plaats: dinsdag 1 september 2009, Universiteit van Tilburg

Fenomenologen doen opvallend vaak een beroep op literaire teksten. Zo worden onder anderen Marcel Proust, Franz Kafka, Robert Musil, Claude Simon of meer hedendaagse auteurs veelvuldig ten tonele gevoerd. Vanwaar deze fascinatie? Waarom doen fenomenologisch georiënteerde filosofen graag een beroep op de literatuur? Wat houdt dit 'beroep doen op' eigenlijk in? Wat is de vorm van de kennis die dat oplevert? En hoe verschilt deze van wat de wetenschap ons kan aanreiken? Wat is de waarheidsclaim van de literatuur en waarom valt deze juist bij de fenomenologische stroming in de filosofie in goede aarde? Gaat het daarbij slechts om voorbeelden of om een meer adequate beschrijving van fenomenen? In het laatste geval: moet de fenomenologie zich dan maar niet helemaal aan de literatuur overgeven?


Wie van de leden van het gezelschap over één of meer elementen uit dit complex van vragen tijdens deze dag een bijdrage wil geven in de vorm van een voordracht, wordt uitgenodigd om een korte beschrijving te zenden naar Ruud Welten op: R.B.J.M.Welten@uvt.nl. De deadline voor de inzending is 1 februari 2009. De redactie van deze dag wordt gevormd door Frans van Peperstraten en Ruud Welten.

dinsdag 28 oktober 2008

zaterdag 27 september 2008

Phenomenology, Literature and Art Bucharest, 14-15 October 2008

Colloquium on Phenomenology, Poetics and Ethics
www.fenomenologie.nl

Phenomenology, Literature and Art

Bucharest, 14-15 October 2008

TUESDAY 14 OCTOBER 2008

13.00 Opening Address: Cristian Ciocan & Chris Bremmers (2 x 15 min)

13.30-14.15 Chris Bremmers (Nijmegen), Phenomenology and poetics
14.15-15.00 Paul Marinescu (Bucharest/Lyon), - Voir, c'est lire. Le regard et la lecture

15.30-16.15 Evert van de Zweerde (Nijmegen), European Literature and Philosophy: A
Thinker's Reading Experience
16.15-17.00 Christian Ferencz (Bucharest) Neutrality and aesthetic belief

17.15-18.00 Odile Heynders (Tilburg), Leadership in European Literature: a Gender Perspective
18.00-18.45 Daniela Maci (Oradea), Quelques themes phénoménologiques dans l'œuvre de
Milan Kundera

WEDNESDAY 15 OCTOBER 2008

Morning-session 09.30-13.00


09.30-10.15 Vincent Blok (Nijmegen), Name and “Gestalt” –the constitution of meaning in
Literature and Art in Heidegger
10.15-11.00 Delia Popa (Louvain), L'équivocite de l'image et sa portée littéraire. Trois
interprétations de la contemplation proustienne d'un tableau de Vermeer

11.30-12.15 Frans van Peperstraten (Tilburg), Prose and everydayness in Heidegger's
interpretation of Hölderlin
12.15-13.00 Angela Zabulica (Tübingen), Dichten als Messen. Heideggers Verständnis
der Dichtung im Ausgang von Hölderlin

Afternoon session 14.30-18.00

14.30-15.15 Gert-Jan van der Heiden (Nijmegen), Speaking on Behalf of the Other: Death
and Dialogue in Plato, Gadamer, and Derrida
15.15-16.00 Mihai Maci (Oradea), Le moi entre description et naration

16.30-17.15 Arthur Cools (Antwerpen), L'espace littéraire et la question de la réduction phénoménologique
17.15-18.00 Stefan Nicolae (Tübingen), Sancho Pansas „unangemessene“ Epoché. Leibproblematik in Alfred Schütz’ Analyse von Cervantes’ ‚Don Quijote’

woensdag 25 juni 2008

Jaarvergadering 2008 FENOMENOLOGIE EN CULTUURFILOSOFIE

Jaarvergadering
Gezelschap voor Fenomenologische Wijsbegeerte

Fenomenologie en cultuurfilosofie

Universiteit Antwerpen
Vrijdag 19 september 2008

Programma

10.00 – 10.30 Welkom en koffie
10.30 – 10.45 Inleiding door dr. A. Cools
10.45 – 11.30 Openingslezing door Prof. dr. E. W. Orth: ‘Kultur als intentionale Wirklichkeit’
11.30 – 12.00 Coreferaat van Prof. dr. J.-P. Wils
12.00 – 12.30 Discussie

Lunch

13.45 – 14.00 Nieuws en mededelingen door dr. G. Visser
14.00 – 15.00 Ontologie en cultuur. Husserls Krisis der Europäischen Wissenschaften door Prof. dr. P. Reynaert, gevolgd door discussie
15.15 – 16.30 Kulturphilosophie und Daseinsanalyse in der Davoser Disputation door Prof. dr. G. Van Eekert (met een coreferaat van Prof. dr. G. Vanheeswijck)
16.45– 17.30 Tekstseminarie ‘Kultur der Angst’ uit het boek van E.W. Orth Was ist und was heiβt « Kultur»? met commentaar van dr. C. Bremmers en repliek van Prof. dr. E.W. Orth

Locatie: Stadscampus UA, Prinsstraat 13, B-2000 Antwerpen, zl. R-231.
Kosten (incl. lunch): € 20,-- / leden € 10,-- te betalen bij aankomst.
Inlichtingen en opgave: arthur.cools@ua.ac.be

vrijdag 25 april 2008

COLLOQUIUM FENOMENOLOGIE, POETICA EN ETHIEK

Symposium

Odile Heynders (Taal- en Cultuurstudies)
Frans van Peperstraten (Filosofie)
in samenwerking met de Onderzoekschool Letteren


Literatuur en engagement

Universiteit van Tilburg
Donderdag 15 mei 2008, 10.30 -17.15 uur

Dante building (gebouw D), zaal DZ 8
Route: 
www.uvt.nl/contact



Welke rol spelen schrijvers in het contem¬po¬rai¬ne politiek-maatschappelijke debat? Als we verschillende internationaal publiceren¬de auteurs als Orhan Pamuk, J.M. Coetzee, Salman Rushdie of Michel Houellebecq volgen, zien we dat zij in hun romans politieke posities beschrijven en becommen¬ta¬riëren, zonder dat zij hun lezers een expliciete ideologie opdringen. Zij willen met hun teksten een bepaalde kritische bewustwording aan de orde stellen, maar waken er voor het kunstwerk tot pamflet te maken. In de Nederlandstalige literatuur zien we een verge¬lijk¬baar fenomeen van toenemende politieke interesse in romans van Joost Zwagerman, Arnon Grunberg en bijvoorbeeld Désanne van Brederode. Deze auteurs voeren ook buiten hun literaire werk het woord over politieke kwesties (in columns, op televisie en weblogs).

Deze voorbeelden roepen de vraag op óf, waarom en hoe literatuur in staat is twee valkuilen te vermijden: die van het moralisme en de eenzijdige politieke stellingname enerzijds en die van de existentiële en maatschappelijke vrijblijvendheid anderzijds. Het symposium beoogt een bespreking van verschillende cases en van daaruit een nade¬re conceptualisering van begrippen als ‘politiek’, ‘autonomie van de kunsten’ en ‘engagement’. We willen zowel filosofen als letterkundigen aan het woord laten komen. In een slotdiscussie zal gepoogd worden een aantal cases overstijgende con¬clu¬sies te formuleren.

Voor deelname kunt u zich vóór 6 mei a.s. aanmelden bij Carine Zebedee (fgw.dtc@uvt.nl).



FACULTEIT GEESTESWETENSCHAPPEN

Dagprogramma



10.30 uur Ontvangst en opening door dagvoorzitter: Frans van Peperstraten (Tilburg)


10.45 uur Openingsstatement: Sander Bax (Tilburg)


11.00 - 12 30 uur Dirk De Schutter (Brussel)
Over kampliteratuur

Wilbert Smulders (Utrecht)
Willem Frederik Hermans: Autonomie als engagement


Lunch


13.30 - 15.00 uur Frans Willem Korsten (Leiden, Rotterdam)
Manieren van lezen als politieke dispositie

Peter de Graeve (Antwerpen)
De existentie resisteert. Over macht en onmacht van woord en beeld


15.15 - 16.45 uur Josef Früchtl (Amsterdam)
A fresh start: Aesthetics and Politics
Initiated by Jacques Rancière

Odile Heynders (Tilburg)
Osama op het nachtkastje. Politieke strategieёn in recente romans van vrouwelijke auteurs


16.45 - 17.15 uur Slotdiscussie


17.15 uur Borrel

dinsdag 22 april 2008

Studiedag 12 juni: de fenomenologische instelling

Zoals eerder vermeld, vindt op 12 juni a.s. een studiedag plaats over een kernthema van de fenomenologie: de fenomenologische instelling.

Op deze dag zullen Peter Reynaert (Antwerpen) en Chris Bremmers (Nijmegen) een inleiding verzorgen over de fenomenologische instelling bij resp. Husserl en Heidegger. Zij zullen zich bij die inleiding concentreren op een kerntekst, die elke deelnemer dient te hebben gelezen. Op de website van het Gezelschap vindt u de vermelding van de teksten:

U wordt geacht deze teksten zelf te raadplegen in uw universiteitsbibliotheek. De teksten worden dus niet per post of e-mail verstuurd.

De bijeenkomst vindt plaats op de Radboud Universiteit te Nijmegen, Campus Heyendaal, Thomas van Aquinostraat 6
Studeon 1

Dagindeling:
10.00 ontvangst
10.30-12.30 Peter Reynaert (Husserl)
12.30-14.00 Lunch
14.00-16.00 Chris Bremmers (Heidegger)
16.00-17.00 borrel.

Het is noodzakelijk om u voor deze dag aan te melden. Dit kan via dit e-mailadres: ruud.welten#xs4all.nl (vervang # handmatig door @)

woensdag 26 maart 2008

Cursus over Husserl : HOVO Rotterdam

Cursus Wijsbegeerte
‘Terug naar de zaken zelf!’
Een inleiding in het denken van Edmund Husserl
Dr. Ruud Welten
I
In het jaar 1900 publiceerde een tot dan toe onbekende auteur een
omvangrijk filosofisch werk dat vrijwel onmiddellijk de filosofie op
haar grondvesten deed schudden: de Logische Untersuchungen van
Edmund Husserl. Wie een verhandeling over logica verwacht komt bedrogen uit. De vraag is: hoe zijn de logische structurenverbonden met onze ervaring van de wereld? Wat treffen we aan in het bewustzijn? Tot aan zijn dood in 1937 zou Husserl van zich doen spreken als de grondlegger
van de fenomenologische methode. Het boek verscheen als een noodkreet
in een tijd waarin de westerse wetenschap zich had weggespecialiseerd
uit het menselijk leven. ‘Terug naar de zaken zelf’! klonk de kreet, die verregaande kritische, ja zelfs ethische implicaties heeft.
De filosofie van de twintigste en eenentwintigste eeuw tot nu toe blijft
onbegrijpelijk zonder kennis van het werk van Husserl. Niet alleen is
zijn denken funderend geweest voor dat van Heidegger, Sartre, Levinas
of nieuwe denkrichtingen in de psychologie en sociologie, Husserl blijft
immer actueel, getuige de huidige belangstelling voor zijn denken vanuit
de ‘mindphilosophy’ of het hedendaagse debat over religieuze ervaring.
In vier bijeenkomsten wordt een inleiding geboden in dit fascinerende
denken dat zijn kloppend hart in de dagelijkse ervaring vindt. We volgen
in hoorcolleges Husserls ontwikkeling chronologisch en zullen ook korte
fragmenten uit zijn werk lezen.

Data maandag 7 juli, dinsdag 8 juli, maandag 14 juli en
dinsdag 15 juli 008
Tijd 10.00 - 1.30 uur
Locatie Woudestein

Aantal bijeenkomsten vier bijeenkomsten van twee uur
Maximum aantal deelnemers 30
Literatuur Korte reader
Bijzonderheden Toegang tot internet aanbevolen, passieve kennis van Duits
en Engels aanbevolen.

Cursusnummer Hovo Rotterdam: 731cc

klik voor meer info (Hovo Rotterdam, onder 'Zomeracademie'

Bernward Grünewald VU

Bernward Grünewald (Keulen), houdt op vrijdag 4 april van 15.30-17.00 een lezing aan de VU Amsterdam getiteld "Phänomenologische Elemente der
Geisteswissenschaften",
Faculteit der Wijsbegeerte van de VU Amsterdam (in
zaal 13A-11/13, hoofdgebouw). De lezing zelf duurt tot ongeveer 16.15,
waarna er ruime tijd is voor discussie.

Meer informatie over de spreker en een samenvatting van zijn lezing
zijn nu beschikbaar onderaan dit bericht en op de website van het
facultair colloquium
http://www.surfgroepen.nl/sites/stafq/web/2007-8.html
met onderaan het abstract een print-knop.

Iedereen is van harte welkom. Belangstellenden hoeven zich in principe
niet vooraf aan te melden, maar we zouden het erg op prijs stellen
wanneer u laat weten dat u komt door contact op te nemen met Annemie
Halsema, jm.halsema@ph.vu.nl.



------------------------------------------

bio

Bernward Grünewald studeerde filosofie, germanistiek en theologie in
Bonn en Tübingen. Hij promoveerde in 1973 op Husserls Logische
Untersuchungen en schreef zijn Habilitation over Kants Modaltheorie
und die Grundlagen der Geisteswissenschaften (1982). Hij vervulde
gastprofessoraten aan verschillende universiteiten (Neuchâtel, Bern,
Basel, Leipzig, Jena, Halle en Bonn) en was van 1999-2006 professor
aan de universiteit Keulen.

abstract

"Phänomenologische Elemente der Geisteswissenschaften"

Gezeigt werden soll, dass die Husserlsche Phänomenologie eine Reihe
von begrifflichen und methodischen Grundlagen für eine
transzendentalphilosophisch fundierte Konzeption der sog.
Geisteswissenschaften (Kulturwissenschaften, Sozialwissenschaften)
bereithält. Angesichts der bedeutenden Fortschritte der
Neurowissenschaften entsteht in der gegenwärtigen öffentlichen
Diskussion nicht selten der Eindruck, allein aus deren Forschungen sei
eine wissenschaftliche Antwort auf die Frage zu erwarten, was
eigentlich der menschliche Geist sei. Das ist angesichts der Aufgaben
von Wissenschaften wie der Literaturwissenschaft, der Historie oder
der Soziologie eine Absurdität. Um so wichtiger erscheint mir die
Aufklärung der Grundlagen dieser Wissenschaften.

Die Husserlsche Phänomenologie bietet mit ihren Begriffen der
Intentionalität, des Aktes (Noesis) und des Sinn-Gehalts (Noema), mit
ihrer Analyse der Konstitution, Geltung und der Genesis von
Sinnzusammenhängen und Habitualitäten ein Instrumentarium, um eine
spezifizierte erfahrungstheoretische Grundlage jener Wissenschaften zu
erstellen, die aus vielen Gründen im Anwendungsbereich der klassischen
Tran¬szendentalphilosophie zwar ihrer Materie nach, aber nicht ihrer
wissenschaftlichen Form nach, berücksichtigt werden konnten. Den
Angelpunkt dieser erfahrungstheoretischen Grundlage bildet der Begriff
eines noematischen Systems. Dieses System ist zu verstehen als ein
„Universum des Sinnes", d. h. als System aller möglichen Sinngehalte,
ihrer begrifflichen Beziehungen untereinander und ihrer Beziehung zu
ihren möglichen (zuletzt anschaulichen) Erfüllungen, für die sie als
Regeln dienen. Geistige Prozesse verdanken einem solchen System (in
empirischer Beschränkung) ihre Bestimmtheit und ihre Struktur,
Personen und interpersonale Komplexionen (Gemeinschaften,
Gesellschaften) verdanken ihm die Bestimmtheit ihrer habituellen
Überzeugungen, Werte und Zielsetzungen. Entscheidungen, Handlungen und
gesellschaftliche Wechselwirkungs-Prozesse wiederum verdanken den so
bestimmten Habitualitäten die Bestimmtheit ihre geistigen Wirklichkeit
und Wirksamkeit. Wer hinter dieser Konzeption außer den
phänomenologischen Bausteinen ein kantianisierendes Gerüst vermutet,
hat richtig geraten.


--
Vrije Universiteit Amsterdam
http://www.wijsbegeerte.vu.nl/betti

maandag 10 maart 2008

Teksten Studiedag 12 juni 2008 in Nijmegen over Fenomenologische Instelling

Teksten Studiedag 12 juni 2008 in Nijmegen over Fenomenologische Instelling

Op deze dag zullen Peter Reynaert (Antwerpen) en Chris Bremmers (Nijmegen) een inleiding verzorgen over de fenomenologische instelling bij resp. Husserl en Heidegger. Zij zullen zich bij die inleiding concentreren op een kerntekst, die elke deelnemer dient te hebben gelezen. Daarnaast hebben zij nog andere in hun ogen belangrijke tekstgedeelten geselecteerd, die eveneens hieronder worden aangegeven.


Peter Reynaart: Edmund Husserl

Kerntekst:

1. Ideen zu einer reinen Phänomenologie und phänomenologischen Philosophie, eerste boek, Husserliana volume 3,1. Zweiter Abschnitt: Die Phänomenologische Fundamentalbetrachtung; hoofdstuk 1: Die Thesis der natürlichen Einstellung und ihre Ausschaltung: §§ 27-32, pp. 56-66; verder uit hoofdstuk 3 over de fenomenologische instelling: §§ 49-51, pp. 103-110. Dat is samen een kleine 20 pagina's.

Overige teksten:

2. Ideen zu einer reinen Phänomenologie und phänomenologischen Philosophie, eerste boek, Husserliana 3,1: §§ 27-63, pp. 56-134. De fameuze Phänomenologische Fundamentalbetrachtung. Speciale aandacht voor a: §§ 27-32, pp. 56-66; b: §§ 49-51, pp. 103-110; c: §§ 56-62, pp. 122-134.

3. Freiburger Antrittsvorlesung: Die reine Phänomenologie, ihr Forschungsgebiet und ihre Methode, in: Aufsätze und Vorträge, Husserliana 25, pp. 68-81.

4. Cartesianische Meditationen, Husserliana 1, §§7-15, pp. 57-75.

5. Die Krisis..., Husserliana 6, §§ 35-50, pp. 138-176. Speciale aandacht voor §§ 39-43, pp. 151-158.



Chris Bremmers: Martin Heidegger

Kerntekst:

1. Die idee der Philosophie und das Weltanschauunungsproblem, Kriegsnotsemester 1919. Zweiter Teil: Phänomenologie als vortheoretische Urwissenschaft. Erstes Kapitel. Analyse der Erlebnisstruktur, pp. 63-76.

Overige teksten:

2. Die Grundprobleme der Phänomenologie (GA 24). Einleitung. § 5. Der methodische charakter der Ontologie. Die drei Grundstücke der phänomenologischen methode, pp. 26-33.

3. Beiträge zur Philosophie’ (GA 65). §§ 90-192 .Vom Dasein en § 255 Die Kehre im Ereignis. pp. 310-312 en 407-409.

4. Das ende der Philosophie und die Aufgabe des Denkens (in: Zur Sache des Denkens. GA 14), pp. 69-102.

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Chris Bremmers licht het thema van de dag en zijn bijdrage als volgt nader toe:

Fenomenologische ‘instelling’ bij Heidegger

Fenomenologie is per se verbonden met een bepaalde ‘instelling’ ten opzichte van een gangbare verhouding tot de werkelijkheid (‘natuurlijke instelling’) en daardoor met aandacht voor een bepaalde ‘zaak’ die globaal kan worden aangeduid als ‘het fenomenale’. Dat laatste vormt het originaire, kritische en maatgevende referentiepunt, impliciet voor de ‘natuurlijke’, expliciet voor de ‘fenomenologische’ instelling.
De ‘instelling’ maakt aldus deel uit van een ‘methode’, de weg waarlangs de zaak pas in het geding komt, zich laat thematiseren en tot zijn recht kan komen. Deze methode wordt getekend door een meervoudige ‘reductie’: een herleiding van de ‘natuurlijke instelling’ tot een instelling waardoor de dimensie van het fenomenale tot klaarblijkelijkheid kan worden gebracht. De reductie betekent evenwel ook dat de fenomenaliteit opnieuw wordt verbonden met de levensinteresse en leefwereld en daarin aldus een radicalisering en intensivering doorvoert.

In mijn inleiding zal ik dit drievoudige aspect (instelling, methode, reductie) bij Heidegger thematiseren. In overeenstemming met het karakter van Heideggers’ denken, zal ik in plaats van fenomenologische ‘instelling’ spreken van fenomenologische interesse. Ik zal die naar enkele grondtrekken bespreken aan de hand van enkele sleutelteksten uit verschillende perioden van Heideggers denken (1919, 1927, 1936 en 1964). De sequentie van teksten maakt een zekere ‘trouw aan de zaak zelf’ duidelijk, maar ook een beproevende radicalisering en intensivering van de fenomenologische interesse. Het focus daarbij blijft primair gericht op de zaak die daarbij in het geding is: het fenomenale.

Fenomenologische interesse als ‘zijnsinteresse’: ‘Gibt es das ‘es gibt’? – ‘es ereignet sich und ich ereigne es mir’ (1919) > mondt uit in het ‘erzijn’ als ‘eigenlijke historiciteit’ van ‘Sein und Zeit’.
Tekst: ‘Zur Bestimmung der Philosophie’ (GA 56/57). Zweiter Teil. Phänomenologie als vortheoretische Urwissenschaft. K. 1. Analyse der Erlebnisstruktur. p. 63-76
1. Fenomenologische interesse, waarheid als onverborgenheid en ontologische differentie: ‘Reduktion, Konstruktion, Destruktion’ (1927) > de uitwerking van de idee van ‘eigenlijke historiciteit’ op ontologisch-fenomenologisch niveau als articulatie van ‘Seinsgeschichte’ (transcendentaal-historische waarheid)
Tekst: ‘Die Grundprobleme der Phänomenologie’ (GA 24). Einleitung. § 5. Der methodische charakter der Ontologie. Die drei Grundstücke der phänomenologischen methode’. p. 26-33
2. Fenomenologische interesse, ‘Ereignis’ en ‘Kehre’ (vgl. 1) (1936) > de idee van de ‘transcendentaal-historische waarheid’ impliceert de gebeurtenis van on-verborgenheid in ‘de gangbare geschiedenis van de waarheid’ als de instelling van het ‘er zijn’ zelf (‘Ereignis’) in functie van ‘wat’ zich in de ont-sluiting van on-verborgenheid zo toekeert dat het zich laat bewaren en bergen (de ‘Kehre’)
Tekst: ‘Beiträge zur Philosophie’ (GA 65). §§ 90-192 ‘Vom Dasein’ en § 255 ‘Die Kehre im Ereignis’. p. 310-312 en 407-409
3. Fenomenologische interesse, ‘Ereignis’ en ‘Lichtung’ (1936 >1964) > de gebeurtenis van waarheid in de werkelijkheid en daarmee in het ‘er zijn’ impliceert ‘atijd al’ de speling en opening van het ‘zijn als on-verborgenheid (van het zijnde) in het zijnde’ als ‘er’ zijnde. Het einde van de filosofie brengt de taak met zich mee om opnieuw de fenomenologie als mogelijkheid op te nemen.
Tekst: ‘Das ende der Philosophie und die Aufgabe des Denkens’ (in: ‘Zur Sache des Denkens’. GA 14), p. 69-102

dinsdag 4 maart 2008

Dresden Conferentie "Europeïsche Menschenbilder"

Klik voor PDF

Call for Papers

Corporeity and Affectivity
Conference in celebration of Maurice Merleau-Ponty 100th birthday (1908–1961)
Fifth Central and Eastern European Conference on Phenomenology
28 September – 2 October 2008, Prague


Call for Papers

Application (short message including name, institution, preliminary title of the paper) to be sent by e-mail until March 15, 2008 to following addresses:
novotnykcz@yahoo.de
merleau_prague08@yahoo.com


PROJECT

In an article written in 1959, in commemoration of Husserl’s 100th anniversary, Merleau-Ponty writes that “with regard to a philosopher whose venture has awakened so many echoes, and at such an apparent distance from the point where he himself stood, any commemoration is also a betrayal” (“The Philosopher and His Shadow”). These words, however, are not meant to prevent us from commemorating a philosopher and his work. Quite the contrary, for Merleau-Ponty this “betrayal” seems to have a positive meaning. In fact it means that, in order to do justice to a philosopher’s work we should not – or perhaps, we could not – merely repeat it. To keep the work of thought alive we should trace and conjure up its “unthoughts”, and the greater the work of a philosopher, the richer the unthought elements in that work. Commemorating Merleau-Ponty’s 100th day of birth in 2008, nearly 50 years after his dead, his work is still alive. Not because his work was unfinished by his sudden death, but because his work was meant to be open and interrogative and thus not to be closed off, it left us with many elements yet to think. This conference aims at bringing into play the topicality of this work with respect to various debates in contemporary philosophy.
Merleau-Ponty (1908–1961) is one of the most important phenomenologists of the 20th century. As one of the main representatives of French phenomenology he has essentially contributed to the further development of phenomenological philosophy founded by Edmund Husserl. Moreover, his phenomenology has not only influenced the phenomenological research but has had also a very strong impact on other sciences. As such Merleau-Ponty has become one of the most fruitful philosophical resources for contemporary modern thinking.
Along with Merleau-Ponty, phenomenology has turned from transcendental to existential phenomenology. His emphasis on embodiment and lived experience represents one of the most important developments in phenomenological philosophy. His focus on embodied existence has opened space for extensive phenomenological analysis on human existence in its embodied being. Moreover, the body has become a means of our being to the world. As such, it is no longer a hindrance of our being but constitutive for our being. As much as Merleau-Ponty has illuminated the existential role of the body, he has also contributed to the philosophical rehabilitation of the sensible. Sense perception no longer is a mere corporeal function but is itself characterized by rationality. It is here that affectivity comes into play as a serious and important philosophical category. As a form of sensibility, affectivity – the ability of being affected – has become a key-concept of the characterization of human existence.
Merleau-Ponty’s phenomenology is characterized by a great openness to other sciences and the arts. From the very beginning he has devoted his attention to the natural sciences as well as to cultural studies, psychoanalysis, politics, the arts and other fields. It is this specific trans-disciplinary interest that made his phenomenology attractive to other sciences and researchers up to now. For this reason, his phenomenology undoubtedly stands for a key-figure for contemporary modern thinking.
The conference is not only dedicated to Merleau-Ponty’s phenomenology. Apart from his individual contribution to phenomenology, the conference also wants to address the great influence of his phenomenology to other phenomenological research. In particular, it wants to illuminate the issue of corporeality and affectivity – key-terms of Merleau-Ponty’s phenomenology – in the world-wide field of contemporary phenomenological research.


Sections

Phenomenology in Transition

• Phenomenological Ontology in German and French Tradition
• Affectivity and Giveness as Conditions of the Ontology
• Fantasy and Imagination
• Rehabilitation of the Sensible
• Phenomenology of Language

Phenomenology and Technology of Life and Nature

• Phenomenology and Philosophy of Nature
• Hermeneutics of Lived Being
• Between Phenomenology and Cognitive Science
• Cognition and Perception
• Body and Internal Time Consciousness
• Constitution of the Lived Space

Phenomenology and Humanities

I. Merleau-Ponty and Psychoanalysis
• Phenomenology and the Unconscious
• Phenomenological Psychopathology
• Self and Other
II. Philosophy and Arts
• Painting and Perception
• Phenomenology and Literary Writing
• Corporeity and Scenic Dramatization

III. Phenomenology and Anthropology
• Institution in History and Politics
• Phenomenology of Sexuality
• Phenomenology of Love and Pain


Paper Submission

Please submit full paper writing samples for one of the above mentioned sections. Submitted writing samples of approximately 6 pages should have no more than 1800 words typewritten and double-spaced. For the publication in the proceedings of the conference, the paper may be extended up to 15 pages. At the conference, speakers will have 20 minutes for presentation, 20 minutes for discussion. Both paper copy and electronic version are kindly requested. Submissions should be addressed to the Conference Organizer (see below). Please, indicate a) the language of the paper, and b) the preferred section. The Conference Organizers (Organization Committee) reserve the right to accept or not accept papers in the basis of criteria of quality and the availability of the sections.


Deadline for Paper Submission

Deadline for contributed papers is June 30, 2008. Paper proposals received after this deadline will not be accepted.

Decisions and Conference Expenses

The authors of the accepted papers are to be informed by e-mail by July 31, 2008. Hotel and meals for them (speakers on the conference or active participants) during the conference as well as the part of their travel expenses are to be paid by the partners of the conference. Other participants have to pay a conference fee (the amount is to be announced July 31, 2008, too) in order to get the same hotels and meals as the active participants.

Conference Language
Conference languages will be: French, German, English. Full paper writing samples can be submitted in one of these languages.


Scientific Board of the conference:
• Jan Sokol – Charles University in Prague
• Bernhard Waldenfels – Ruhr Universität Bochum
• László Tengelyi – Bergische Universität Wuppertal
• Hans Rainer Sepp – Eugen Fink Archiv Freiburg/ Charles University in Prague
• Alexej Chernjakov – University of St. Petersburg
• Dean Komel – University of Ljubljana
• Ion Copoeru – University of Cluj-Napoca


Confirmed invited plenary speakers:
Mauro Carbone, Lester Embree, Helen Fielding, Shaun Gallagher, Dimitri Ginev, Jean-Christophe Goddard, Sara Heinämaa, Kwok-Ying LAU, James Mensch, Marc Richir, Pierre Rodrigo, Hugh J. Silverman, László Tengelyi, Bernhard Waldenfels, Dan Zahavi

Organization Committee:
• Karel Novotný - Faculty of Humanities of the Charles University in Prague / Erasmus Master Mundus “EuroPhilosophie”
• Alice Kliková - Faculty of Science of the Charles University in Prague
• Silvia Stoller - Gruppe Phänomenologie, Wien / University of Vienna
• Jenny Slatman - University of Tilburg
• Petr Kouba - Institute of Philosophy, Academy of Sciences of Czech Republic
• Josef Fulka - Faculty of Humanities of the Charles University Prague


Conference Organizer

Karel Novotný PhD
Vice-Dean for Science and Research
Faculty of Humanities of the Charles University in Prague
Fakulta humanitních studií Univerzity Karlovy v Praze
Address:
U Kříže 8
15800 Prague 5
Czech Republic
www.fhs.cuni.cz
Phone: 00420-251080331
Fax: 00420-251080611

E-Mail: novotnykcz@yahoo.de
merleau_prague08@yahoo.com

woensdag 30 januari 2008

studiedag 12 juni

Het afgelopen jaar hebben wij als Gezelschap in mei een studiedag gehouden over Michel Henry. De jaarvergadering in september stond in het teken van het thema Fenomenologie en Affectiviteit. Beide bijeenkomsten vonden plaats in Leiden en werden door de aanwezigen als zeer geslaagd ervaren. De plaats van de jaarvergadering in september zal dit jaar Antwerpen zijn. Thema: het begrip cultuur in fenomenologie en kritische theorie. Maar ook dit jaar willen wij opnieuw een studiedag organiseren, donderdag 12 juni, in Nijmegen dit keer, en wel rond het onderwerp Fenomenologische instelling.
Voor dit thema doen wij een speciaal beroep op de leden. De idee is met deze studiedag en wellicht meerdere die volgen een boek voor te bereiden, gewijd aan Husserls concept van de fenomenologische instelling. Ideaal zou een boek zijn dat de vernieuwingsgeest van het Gezelschap uitdraagt. Onderstaande beschouwing is bedoeld als een toelichting op het thema, die duidelijk kan maken wat wij van u vragen.

Fenomenologische instelling

Een wezenlijk kenmerk van de fenomenologie, zo wordt vaak gezegd, is niet de aandacht voor een wel omschreven thema, maar in de eerste plaats voor een wijsgerige houding. Belangrijker dan het wat, het thema van de fenomenologie, zou het hoe zijn, de wijze van benaderen. Als Husserl de zin moet uitleggen van de fenomenologie, zoals in zijn opstel Philosophie als strenge Wissenschaft uit 1911 of in zijn Freiburger Antrittsvorlesung uit 1916, vraagt hij aandacht voor de phänomenologische Einstellung in haar onderscheid met de natürliche. Terwijl wij zijns inziens in deze laatste, de instelling van het alledaagse leven, naïef gericht zijn op de voorwerpen, is de filosoof in de fenomenologische instelling niet gericht op de voorwerpen zelf, maar op hun Gegebenheitsweisen.
Deze nadruk op het hoe neemt niet weg dat het hoe en het wat, instelling en thema, intrinsiek met elkaar zijn verbonden. Daar geeft al het woord Gegebenheitsweise blijk van. Enerzijds benadrukt dit inderdaad het primaat van het hoe. Wil de filosoof toegang krijgen tot de wijze waarop de dingen zich manifesteren, dan vraagt dat van hem dat hij zich op een bepaalde wijze instelt. Anderzijds is de wijze van gegeven zijn het wat, het thema van de fenomenologie, het fenomeen dat de fenomenoloog ondervraagt. En klaarblijkelijk schrijft dit fenomeen de instelling of de houding voor. Waarmee het zwaartepunt zich verplaatst naar het wat, preciezer, naar het hoe van het wat, de wijzen van het gegeven zijn.
Deze ogenschijnlijk zo eenvoudige vraagstelling heeft een enorme wijsgerige energie vrijgemaakt. Dat is niet alleen gebleken uit de omvang van het werk van haar grondleggers, maar vooral ook uit het onderscheid in aandachtsveld. In de lijn van de traditie beschouwt Husserl de wijzen van het gegeven zijn als bewustzijnswijzen. De instelling die daar fenomenologisch mee overeenstemt, is een reflexieve. Maar zijn de dingen in de alledaagse omgang ons bewust en als voorwerpen gegeven? Dat was een van de vragen waarmee de jonge Heidegger het veld van gegevenheid verplaatste van het bewustzijn naar het leven. Onder fenomenologische instelling verstond hij een Sich-Loslassen in das Leben. De fenomenoloog moet trachten mee te gaan met de wijzen waarop het leven zelf voor zichzelf ontsloten is. Hij moet zich hier aan leren toevertrouwen. Om die reden sprak Heidegger liever van phänomenologische Haltung dan van Einstellung. Bovendien duidde hij deze houding uiteindelijk, met een term uit de middeleeuwse mystiek, aan als Gelassenheit.
Desondanks ligt deze eis al in Husserls fenomenologische instelling besloten. Zich onvoorwaardelijk instellen op het absolute Erlebnis van de wijze van gegeven zijn, wat kan dit in de grond anders betekenen dan de bereidheid zich als filosoof radicaal bloot te stellen aan het leven? Zich als het moet ook terug te laten drijven door het leven?
De geschiedenis van de fenomenologie tot nog toe laat zich schrijven aan de hand van drie trefwoorden: Einstellung, Gegebenheitsweise en Reduktion. Deze geschiedenis is er een van radicale bezinning op het fenomeen van gegevenheid zelf, op de aard en omvang ervan, op illusies, van zuiverheid, onmiddellijkheid, van Heideggers Sein und Zeit tot Henry’s L’essence de la manifestation of Derrida’s La voix et le phénomène. Als zodanig echter is zij tevens een geschiedenis van transformaties in de fenomenologische instelling, samenhangend met zowel aandachtsveld als vraagtekens. De instelling heeft betrekking op het denken. Maar niet alleen dit laatste transformeert. Het fenomenologisch denken blijkt tevens de broedplaats te zijn van een ethos dat, zoals Heidegger dit heeft verwoord, een vrije verhouding zou moeten waarborgen in een wereld die in de greep is geraakt van de eis van onmiddellijke voorstelbaarheid en beschikbaarheid.

Uitnodiging

De vraag aan u als lid van het Gezelschap is of u bereid bent mee te denken over dit thema. Zou u zelf op termijn een bijdrage in de vorm van een artikel willen leveren, meldt u ons dit dan. U kunt uiteraard ook de studiedag afwachten, ten einde ideeën op te doen. Het programma voor 12 juni is als volgt. Voor de ochtend zullen wij een tweetal kenners vragen om uitleg te geven van de fenomenologische instelling in het werk van Husserl en Heidegger. De middag zal zijn gewijd aan discussie over het thema. De leden die zich hebben opgegeven zullen te voren op de hoogte worden gesteld van door de inleiders geselecteerde teksten.

woensdag 16 januari 2008

The Question of Being in Hermeneutic Philosophy

Expert Meeting in Hermeneutics

February 14, 2008
Radboud University Nijmegen



Program:

9:30 – 10:00 Welcome with coffee

10:00 – 11:15 Lecture Prof. dr. Nicholas Davey (Dundee): ‘Lest We Forget: Hermeneutics and the Question of Being’

11:15 – 11:45 Coffee break

11:45 – 13:00 Lecture Prof. dr. Michael Naas (Chicago): ‘Earmarks: Hermeneutics and Homophony in Derrida’s Reading of Plato’

13:00 – 14:15 Lunch break

14:15 – 15:30 Lecture Dr. Stefano Micali (Nijmegen): ‘The alteration of Dasein in melancholia’

15:30 – 15:45 Tea break

15:45 – 17:00 Lecture Prof. dr. Günter Figal (Freiburg): ‘Dinge als Gegenstände’


Place: Gymnasion, Heyendaalseweg 141, Room GN3


For information, please contact: Gert-Jan van der Heiden, g.vdheiden (at) phil.ru.nl

vrijdag 11 januari 2008

Studiedag Paul Ricoeur: filosofie en poëzie

Werkverband Ricoeur

Studiedag Paul Ricoeur:
filosofie en poëzie


Vrije Universiteit, Amsterdam
woensdag 30 januari 2008

Programma

10.30 – 10.50 Welkom en koffie
10.50 – 12.30 Lezing prof. dr. Th. de Boer: ‘Van poëzie naar filosofie en
weer terug’, met repliek van dr. Chris Bremmers (Nijmegen)
12.30 – 13.30 Lunch
13.30 – 13.45 Nieuws en mededelingen
13.45 – 15.15 Tekstlezing: ‘Le symbole donne à penser’
Lezing van de bekende conclusie van La symbolique du mal, maar nu in de
oorspronkelijke, afwijkende versie uit 1959. De te lezen tekst wordt aan de
deelnemers vooraf ter beschikking gesteld
15.15 – 15.30 Theepauze
15.30 – 16.15 Presentatie dr. Marianne Moyaert (Leuven):
Ricoeur, identiteit en dialoog
16.15 – 17.00 Presentatie dr. Andris Breitling (Rostock): History and fiction as
opening possibilities. Ricoeur on narrative and historicity
17.00 – 17.15 Afspraken en sluiting

Locatie: Hoofdgebouw VU, De Boelelaan 1105, Amsterdam, zl. 13A/11.
Kosten: € 20,-- / studenten € 15,-- (incl. lunch), te betalen bij aankomst.
Inlichtingen en opgave: JM.Halsema@ph.vu.nl

Het werkverband Ricoeur, opgericht 19 januari 2007, verenigt filosofen en theologen in het
Nederlandstalige gebied, die zich bezighouden met de filosofie van Ricoeur. Het werkverband
organiseert studiedagen en bevordert de bestudering van het werk van Ricoeur. Informatie:
christophe.brabant@theo.kuleuven.be, e.p.schaafsma@uu.nl en tlhettema@hetnet.nl.

zaterdag 5 januari 2008